De verdwenen states

De gunstige ligging van Buitenpost tussen de provinciehoofdsteden Leeuwarden en Groningen is altijd een belangrijke vestigingsfactor geweest. In de 18e eeuw – en zelfs daarvoor – was het voldoende reden voor mensen in belangrijke posities om hier te komen wonen. Naast de grietman, het hoofd van de grietenij, waren dit veelal bestuurders, rechters en officieren. Hun families bewoonden fraaie huizen, die vaak als states worden benoemd. Op het onderstaande detail van de atlas van Eekhoff uit 1849 worden de meeste van de ons bekende states vermeld. Het meest westelijk is dat Haersma-State. Naar het oosten toe volgen de states Boelens. Jeltinga, Scheltinga, Herbranda en meer oostelijk van de kern Mejontsma.de states op een detail van de Eekhoff atlas 1849 Vanwege hun werkzaamheden was het voor de bewoners belangrijk dat ze een goede verkeersverbinding hadden met belangrijke plaatsen in de omgeving. Veel states waren daarom gesitueerd in de omgeving van de belangrijkste kruising in ons dorp en in de nabijheid van de weg tussen Groningen en Leeuwarden. Hoewel alle states verdwenen zijn, is er toch nog het een en ander aanwezig dat aan hun bestaan herinnert. Zo leven hun namen voort in een reeks van straatnamen in ons dorp. Bovendien zijn in de Mariakerk tal van grafzerken en rouwborden van de bewoners te vinden. Hieronder volgt een korte beschrijving van een aantal van de states.

Jeltingastate

Dit was waarschijnlijk de eerste state en na de Mariakerk is het aannemelijk dat het ook het eerste stenen gebouw in ons dorp. Uit een verslag van het graafwerk dat door gemeente-arbeiders in de jaren ’30 verrichten voor de bouw van enkele woningen aan de Schoolstraat blijkt, dat de grachten rond de state omstreeks 1200 zijn gegraven. Een verbindingsweg tussen Leeuwarden en Groningen, van oost naar west, bestond nog niet. De enige weg ging noord-zuid van, een verbinding van de kloosters van Gerkesklooster naar Veenklooster en de noordelijker gelegen kloosters. Deze liep langs Lutkepost, Kuipersweg, over Stationsstraat en Jeltingalaan naar het noorden. De Jeltingastate bevond zich ongeveer op de plek van de huidige kinderopvang aan de Schoolstraat (de illustratie links geeft een impressie van een state of stins die te vergelijken was met de Jeltingastate).

In de 13e en 14e eeuw was deze streek nog woest en aan tal van gevaren bloot. Jeltingastate zal daarom eerder op een goed verdedigbare stins hebben geleken, zoals die in Veenwouden, dan op een luxe villa. Naast allerlei zeer oude scherven van aardewerk werden tijdens de eerder genoemde opgraving ook de fundamenten van een poortje ontdekt. Daaruit blijkt dat state zijn voornaamste uitgang naar de Stationsstraat had, zo ongeveer op het huidige Jeltingapad (het verbindingspad tussen de Schoolstraat en Stationsstraat). Bij de state hoorde verder een boerderij, die waarschijnlijk heeft gestaan op de plek van De Roskam, op de hoek Voorstraat-Stationsstraat.

Een paar eeuwen lang moet de state bewoond zijn de familie Jeltinga. In sommige bronnen wordt ook de naam Jelcama of Jeltcama genoemd. Het oudst bekende lid van die familie was Worp Jeltinga. Van hem is een grafsteen bekend uit het jaar 1427. Een andere voorname telg uit het geslacht was jonker Fecco Jeltinga die begin 17e eeuw eigenaar van de state was. Deze Fecco vervulde een hoge functie bij de Admiraliteit in Dokkum, zoals is vermeld op zijn grafsteen op zijn grafsteen in de Nederlands Hervormde kerk. Friesland had toen, als één van de souvereine gewesten van de Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden, nog een eigen marine.

Na de Jeltinga’s kwam de state in handen van de familie Mejontsma en daarna Scheltinga. De laatste bewoner was de familie Bouricius die er veertig jaar lang woonde. Rond 1770 werd de state afgebroken. Nog lang daarna was het overgebleven kavel met zijn slotgracht in de dorpsplattegrond terug te vinden. Pas rond 1900 verdwenen de laatste sporen met de inrichting van de Schoolstraat.

Mejontsmastate

het wapen van de Mejontsma's in de flat aan de Prof WassenberghstraatWie vanuit de richting Groningen-Buitenpost aan de oostkant van het dorp binnenrijdt passeert aan de rechterkant, kort na het plaatsnaambord, een tot manege verbouwde boerderij. Uiterlijk herinnert niets aan de vroegere aanwezigheid van de Mejontsmastate op deze plek. Toch is er een verwijzing naar het verleden te vinden, in de voorgevel is de naam ‘Mejontsmastate’ ingegraveerd. De grietman Petrus van Mejontsma bewoonde deze state. Van der Aa meldt in zijn 19e-eeuwse ‘Aardrijkskundig woordenboek’ over hem: “MEJONTSMA (Petrus van) werd den 30 Oct. 1699 aangesteld tot ontvanger der losrenten op eene wedde van f 800, en den 31 Julij 1673 verkozen tot Grietman van Achtkarspelen. Hij woonde op de state Mejontsma te Buitenpost, en stichtte deze plaats denkelijk zelf of gaf er zijn naam aan. Van 1660-1664 en in 1675 was hij lid der staten wegens Achtkarspelen. Hij huwde Titia Andla, en overleed 30 Jan. 1677. Hij was een geletterd man, …”. Naar hem is de Mejontsmastraat genoemd. In de muur van het trappenhuis van het complex woningen aan de Prof. Wassenberghstraat is een gevelsteen aangebracht met daarop het wapen van de Mejontsma’s (foto links).

de voormalige Mejontsmastate

Herbrandastate

de voormalige herbrandastateNog voor het kruispunt Bakkershoek stond in de 16e en 17e eeuw, eveneens aan de noordkant, de Herbrandastate. Het voorname en fraaie huis was omgeven door een gracht en enkele singels. Er zijn weinig afbeeldingen van de state bekend. Het Fries museum heeft een schilderij  in haar bezit (illustratie rechts). Bovenaan staan links het wapen van de Herbranda’s en recht het gemeentewapen van Achtkarspelen afgebeeld. Met deze state is de relatie met het verleden nog nadrukkelijker. Op haar plek staat sinds 1956 een ouderencentrum. Het begon haar bestaan op initiatief van de Wiersma-Reitsma-stichting als zorgcentrum voor ouderen. Eerst onder de naam ‘Herbranda’ later omgedoopt tot ‘Nieuw-Herbranda’. Ondanks alle vernieuwingen die hier met de tijd plaatsgevonden hebben, ademt de omgeving hier toch nog een beetje de historie van vroeger, met als belangrijkste element de singel tussen de Voorstraat en Herbrandastraat. In 1994 werd aan de oostkant van dit wandelpad, aan de Herbrandastraat, een luxueus appartementencomplex gebouwd, ook onder de naam ‘Herbranda-state’.

In de historie van Buitenpost heeft de familie Herbranda lange tijd een belangrijke rol gespeeld. Al in 1506 was er sprake van Bo(t)te Herbranda (1508-1568), die de functie van grietman bekleedde. Daarna zijn (vermoedelijke) kleinzoon Haye (grietman van 1581-1593) en deze zijn vermoedelijke zoon Feyco (grietman van 1593-1618). Deze Feyco wordt onder Achtkarspelen’s grietmannen met lof vermeld, niet alleen als volmacht van Oostergoo op de Landsdag, maar ook door zijn handelingen op kerkelijk gebied. Hij staat te boek als de eerste gereformeerde grietman van Achtkarspelen. Herbranda is vooral bekend geworden vanwege het feit dat hij de kerk van Buitenpost in 1611 weer liet opbouwen, die in 1596 was afgebrand omdat ingelegerde soldaten slordig met vuur waren omgesprongen. Dit wordt herinnerd in een in de kerkmuur gemetstelde herinneringstekst met de tekst:  “Ao 1594 in April verbrandde deze kerk door inlegering van inlandsche soldaten en werd wederom opgetimmerd a° 1611 door ’t beleid van den Edelen Grietman Herbranda met 5 gecommitteerden uit de Gemeente too kerkvoogden als eigenerfden en a° 1613 volmaakt”. Feyco was ook de eerste protestantse grietman van Achtkarspelen.

In de 17e en 18e eeuw hebben ook andere families Herbrandastate bewoond. De laatste bewoner was raadsheer Knock. Na zijn dood werd het in 1780 op afbraak verkocht waarna sloop volgde.

Scheltingastate

De bebouwing van ‘de Bakkershoeke’ heeft door de eeuwen heen een bijzonder karakter gehad. Dat is niet verwonderlijk, want het was en is nog steeds een markant punt in het dorp. Opmerkelijk is dat de bebouwing op dit door het immer groeiende verkeer steeds lastiger wordend kruispunt ondanks de dreiging van afbraak nog redelijk intact is gebleven. Alleen de laatste tijd treden vormen van modernisering op die veel oudere Buitenposters waarschijnlijk betreuren, maar die vaak onvermijdelijk zijn bij functieverandering. Zo staat op de westelijke hoek van de Voorstraat en Kuipersweg nu een vrij modern gebouw. Voor veel Buitenposters is dit nog de plek waar lange tijd de Bondsspaarbank stond en later notaris Veerman zitting had. Maar daarvoor stond hier een huis van de bekendste familie van ons dorp in de 19e eeuw, de familie Kuipers.

Een toepasselijke plek, want vroeger stond in deze omgeving de Scheltingastate, omringd door door een gracht. Lieuwe (of Livius) van Scheltinga was van 1653-1670 grietman van Achtkarspelen. Van der Aa meldt in zijn Aardrijkskundig Woordenboek over hem: “SCHELTINGA (Livius van) zoon van Livius van Scheltinga, Secretaris van de Staten van Friesland en Curator van de Academie te Franeker, en van Anna de Blocq, werd in 1632 geboren. Den 5 Maart 1653 werd hij Grietman van Achtkarspelen, en nam nog in hetzelfde jaar zitting in de Staten van Friesland. In 1657 werd hij uit deze met nog zeven andere leden gecommitteerd tot het opmaken van eene Instructie voor de Curatoren der Akademie. Hij huwde Wiskjen, dochter van den Raadsheer Cornelis Kinnema en Romkjen Fockens. Zij overleed 9 October 1668, hij 16 Junij 1670”. Over Scheltingastate en de Scheltinga’s is verder weinig bekend. Wel weten we dat een telg van het geslacht, te weten Leonardus Epeus van Scheltinga in 1787 eigenaar werd van de buitenplaats Oosterburen in Augustinusga, waar hij zich in 1795 met zijn gezin vestigde. De naam van de Scheltinga’s leeft voort in de straatnaam Scheltingastraat.

Groot Schepper/Haersmastate

Ook moet er nog wat gezegd worden over Groot Schepper of Haersmastate, al naar gelang welk geslacht de state bewoonde, al was het alleen al omdat men in Buitenpost meerdere malen aan het geslacht Haersma wordt herinnert. In de eerste plaats is er de Haersma de Withstraat. Ook verzorgingscentrum Haersmahiem en het Haersma de Withpark verwijzen ernaar terug. De laatste nakomeling van het geslacht, Freule Jacoba Caecilia Conradina de Blocq van Haersma de With, schonk de grond voor het park en het sportveld ernaast, in 1938 aan de gemeenschap. Daarbij werd wel bedongen dat de gemeente het geschonkene moest bestemmen ‘voor de aanleg van een park of plantsoen met wandelpaden, met sportterrein en/of speelterrein vor de jeugd, een en ander ter verfraaiing en ten nutte van het dorp Buitenpost”. Aldus geschiedde en zo kreeg ons dorp een park.

De naam Groot Schepper, is afgeleid van de familie De Schepper. Isaac de Schepper, overleden in 1688, was van 1677 tot 1688 grietman van Achtkarspelen. Aan deze familie herinnert de De Schepperstraat.

Een andere bewoner was Daniël van Haersma de With. Deze werd op 17 mei 1797 geboren als zoon van Jan Minnema de With en Catharina van Haersma. Na zijn jeugdjaren ging hij rechten studeren. Daniël trouwde in 1820 in Leeuwarden met Volkertina Adriana Heringa. Na het huwelijk van Volkertina en Daniël woonde het gezin eerst in Leeuwarden en werden hier de eerste vijf kinderen geboren. Al spoedig kreeg Daniël een benoeming als grietman van Oostdongeradeel, waar hij zijn oom Frederik de With opvolgde. Het gezin ging wonen in Metslawier en betrok hier Huize Bosman, waar nog zes kinderen ter wereld kwamen. Bij zijn benoeming in 1839 als grietman van Achtkarspelen verkocht hij het deftige en voorname Huize Bosman aan zijn opvolger Schelte Baron van Heemstra. In Buitenpost ging het gezin zich vestigen op Haersmastate, dat door vererving werd verkregen van oom Sybrand van Haersma. Deze was als grietman van Achtkarspelen de voorganger van Daniël. In 1841 kreeg de familie visite van de koninklijke familie, die dan een bezoek brengt aan de twee noordelijke provincies. Dit was koning Willem II met zijn vrouw Anna Pawlona van Rusland. Op weg naar Groningen, deden ze Haersmastate aan. De Leeuwarder Courant maakte melding van deze gebeurtenis en schreef onder andere: “Het landhuis van den Heer Grietman was met smaak versierd, vele Aanzienlijken waren aldaar genoodigd en een keurig Dejeunée werd aangeboden”. Volgens overlevering binnen de familie Van Haersma zou de koning bij vertrek uit Buitenpost hebben gezegd dat hij iets voor de heer grietman wilde doen. De heer Van Haersma de With zou toen gezegd hebben: “Sire, mijn enige wens zou kunnen zijn dat U de tot mijn dochter gesproken woorden waar maakt. U begroette haar met: “Goedemorgen, Freule”. De koning zou op deze vrijpostige uitlating hebben geantwoord: “Mijnheer, ik nobileer U”. Bij Koninklijk Besluit van de dag van het koninklijk bezoek op Haersmastate, 26 juli 1841, werd mr. Daniël de Block van Haersma de With door de koning uit eigener beweging verheven in de adelstand, dus zonder dat daartoe is gerequestreerd. Zijn nakomelingen mochten het predikaat jonkheer en jonkvrouw voeren.

In 1851 maakte Haersma de With, als gevolg van de Gemeentewet van Thorbecke de overgang mee van Grietenij naar Gemeente. Hij werd daardoor de eerste ‘burgemeester’ van Achtkarspelen. In 1852, bracht koning Willem III een bezoek aan de familie op Haersmastate. De beide wethouders van Achtkarspelen Zijlstra en Gorter, twee raadsleden Buma en Hulshoff en de gemeentesecretaris van de Schaaf waren bij de ontvangst aanwezig. Op 24 juni wordt Haersma de With herbenoemd als burgemeester van Achtkarspelen. Op 10 augustus 1857 overleed hij op de leeftijd van zestig jaar. Hij werd opgevolgd door zijn zoon jhr. Volkert Adrianus Heringa van Haersma de With. Deze laatste telg van het de voorname familie overlijdt in 1909. Daarna wordt de state ‘op afbraak’ verkocht.

De Boelensstate

De zesde state in ons dorp stond ongeveer op de hoek Irenestraat-Voorstraat hebben. Het geslacht Boelens heeft in de 17e eeuw een belangrijke bijdrage geleverd aan het bestuur van de grietenij Achtkarspelen. Tjerk, Pieter, Lieuwe en Tarquinius Boelens zijn in de periode van 1618 tot 1673 grietman van Achtkarspelen geweest. De naam komen we in ons dorp tegen in de vorm van het Boelenspad, het verbindingspad tussen de Kuipersweg, Scheltingastraat en De Schepperstraat.

Buitenpost heeft waarschijnlijk nog meer states of voorname woningen gekend. Er volgen twee waarvan in ieder geval de naam bekend is.

‘De Vieverenbergh’

De state Vieverenberg, ook wel als ‘heerhuizinghe’ en ‘buitenplaats’ omschreven, werd in 1740-1741 in opdracht van generaal-majoor Daniël van Bouricius gebouwd. Al op 28 januari 1758 was de eerste verkoop van de Vieverenberg en in 1772 volgde de tweede.

Op 10 februari 1773 werd ze op afbraak verkocht, volgens een melding in de Leeuwarder Courant, samen met “200 zware linden”.

‘Steegmans’

De naam Steegmans Bosch in het West op oude kaarten maakt nieuwsgierig. Op de kaart van Winsemius uit 1622 komt ook nog Stegmans (of Steegmans) voor. Op latere kaarten is deze verdwenen en is er alleen nog sprake van Steegmans Bosch, zoals op de kaart van Schotanus uit 1720. De herkomst van de naam is onbekend. De aanwezigheid van een ogenschijnlijk laantje doet vermoeden dat ook hier een groot huis, een zathe of state, heeft gestaan.

© 2022 - Plaatselijk Belang Buitenpost

Deze site maakt gebruik van cookies.

BinnenBuitenpost.nl maakt gebruik van cookies voor verschillende doeleinden. Door verder gebruik te maken van deze site stemt u in met het plaatsen en uitlezen van cookies. U kunt altijd weer de cookie-instellingen wijzigen.
Cookies op onze website
Functionele cookies
Deze cookies zorgen ervoor dat de website goed functioneert. Ook gebruiken wij functionele cookies voor het opsporen van misbruik van onze website en diensten.
Analytische cookies
Met deze cookies kunnen we het gebruik van de website analyseren, zodat we de prestaties van onze website kunnen meten en verbeteren.
Cookies voor social media
Met deze cookies kunt u verbinding maken met uw sociale netwerken en recensies lezen.
Cookies voor gerichte reclame
Deze cookie worden gebruikt om getoonde advertenties af te stemmen op je interesses, zowel op Kostenservice.nl als op andere websites.