...vrijwilligster bij uitstek...

Geboren op 29 februari 1948 te Wissenkerke (Zeeland) is Herma Visser-Weerstra tot nu toe dertien keer verhuisd. Sinds 1990 woont ze in Buitenpost. Ze is moeder van de in Groningen wonende en bijna afgestudeerde adoptie-tweelingzonen Ernesto en Miguel en sinds 1998 weduwe van dominee Thijs Weerstra.

Herma Weerstra

Herma werd geboren in Zeeland en is daarna opgegroeid in Hardinxveld-Giessendam in Zuid-Holland. Als derde kind van zeven ging ze van jongsaf al graag met allerlei kinderen en verschillende mensen om. Als kind was ze altijd bezig en met name met de kleurenwereld: knutselen na schooltijd, vooral in de wintertijd, met allerlei stofjes en wegwerpmateriaal en brieven aan de in Kampen wonende grootouders. Hierin kreeg iedere letter dan een andere kleur. Ook werden zelfgemaakte veldboeketjes naar zieken en alleenstaanden gebracht. Tussen 8 en 12 jaar bracht ze regelmatig bezinningstijdschriften rond in een wijk–langs-de-dijk en hielp met huis-aan-huis collectes.

Gezondheidszorg
Herma verhuisde op haar achtiende naar Gorinchem om daar de verpleegstersopleiding te volgen. Daar werkte en studeerde ze tot haar 21e als leerling-verpleegkundige in het Streekziekenhuis. Vrije tijd werd besteed aan het presenteren op de ziekenradio-omroep. De vervolgstudies Kraamverpleegkunde en Extramurale Gezondheidszorg volgden daarna in Enschede en Breda. In haar vrije tijd was Herma ook meerdere keren per week in ‘De Blije Werelt’ in Lunteren als vrijwilliger bij vakantieweken voor gehandicapten te vinden. Van haar 25e tot 29e jaar was ze wijkverpleegkundige in Nunspeet en gaf daar als interim-vrijwilliger ook les bij het Rode Kruis en was betrokken in het bestuur van de Stichting Peuterspeelzalen-in-oprichting. Verder zong ze als zangliefhebster bij de cantorij.

Van de Veluwe naar Brussel
Herma trouwde op haar 29ste met dominee/schrijver Thijs Weerstra en woonde met hem een jaar in de pastorie van ’t Harde tot hem een nieuwe veelzijdige taak in BelgiŽ aangeboden werd en als het ware ‘uitgeleend’ werd aan Vlaanderen en Brussel, het Nederlandstalige BelgiŽ. Het paar verhuisde naar een buitenwijk van Brussel. Herma deed er van 1978 tot 1985, ‘Rood Kruis‘-vrijwilligerswerk in het Vlaamstalige Tervuren: creativiteitenbegeleiding bij ouderen en gehandicapten en opvangwerk in Brussel-Centrum. Thijs en Herma werden in die tijd gastouder van een tweeling die later geadopteerd werd. Voor enkele Nederlandse studenten aan de Protestantse Theologische Faculteit in Brussel waren de Weerstra’s ‘onthaal’-adres en voor veel vrienden en familie vakantieadres. Onder andere als lid van de protestantse cantorij was Herma actief in de Nederlandstalige Verenigde Protestantse Kerk in Brussel en bij Oecumenische diensten in Brussel-C. Met Thijs bezocht ze veel plaatsen in vooral Vlaanderen, het werkgebied van haar man.

Van bruisend Brussel naar de drukke Randstad
Na zeven mooie jaren verhuisde het gezin weer naar Nederland waar ze van 1985 tot 1990 in Berkel en Rodenrijs woonden en Herma al snel bestuurslid werd van de kruisvereniging. Tijdens de fusietijd van de Kruisverenigingen naar de Thuiszorg en tijdens haar studie GezondheidsVoorlichting en – Opvoeding aan de Hogeschool te Rotterdam, was Herma eveneens vrijwilliger. Zoals plaatselijk mede-organisator/gastvrouw van Gezondheidszorg-themabijeenkomsten en milieu- en gezondheidsvraagstukken. Dit resulteerde in een uitnodiging voor een landelijke gezondheidszorgdag waarvoor de beste initiatieven van vrijwilligers uitgenodigd waren. Redactiewerk voor een provinciaal tijdschrift voor vrijwilligers in de gezondheidszorg vroeg ook de nodige tijd. Tegelijkertijd was ze lid van de regionale vakantiewerkgroep Pax Christi Kinderhulp die Noord-Ierse en later Armeense kinderen een vakantie bezorgden bij gastgezinnen. Ook was ze lid van de ouderraad van de Christelijke Basisschool en in de plaatselijke kerk initiatiefnemer van de werkgroep ‘KerCreatie’ die bijbelverhalen op een creatieve manier vertaalde. Bij de landelijke Gereformeerde kerk was ze deputaatslid voor de zaken van de Belgische kerken.

Noordelijker
Haar man wilde na het Zuiden en het Westen graag weer eens naar het Noorden van Nederland, waar hij ook geboren] was en zijn moeder nog woonde. Toen zich in 1990 de gelegenheid voordeed om predikant bij de gereformeerde kerk in Buitenpost te worden, besloten ze om naar het vrijwel onbekende Noord-oosten van Frysl‚n te gaan. Met begrijpelijke tegenzin van de zonen die toen in groep 7 van de basisschool zaten en eigenlijk hun leuke vriendjes niet wilden missen. Al gauw kwam ook hier Pax-Christi-Kinderhulp weer bij haar met het verzoek om ook in deze regio een werkgroep te formeren. Hoewel ze nog niet veel mensen kende, en eigenlijk ook nog behoefte aan wat rust had, zwichtte ze toch. En dankzij veel medewerking van een groep kindvriendelijke mensen lukte het. Terwijl ze zich in de nieuwe omgeving wat aan het oriŽnteren was las ze een oproep voor vrijwilligers bij een opvangboerderij in Kollumerzwaag. Dus werd ze vrijwilliger bij creatieve middagen voor bewoners van ‘Het Lichtpunt’. En later ook nog eens meerdere jaren creatieve hulpmoeder bij basisschool ‘de Fakkel’. Daarnaast assisteerde ze haar echtgenoot bij zijn veelsoortige werkzaamheden. Haar man gaf haar de ruimte en zij hem. Ze stimuleerden elkaar, vulden elkaar aan en gaven elkaar energie.

De wereld dichterbij
Toen er oorlog in voormalig JoegoslaviŽ uitbrak las ze steeds maar weer oproepen voor vrijwilligers die de ontheemden moesten opvangen. Kollumerzwaag werd daarom verruild voor de opvang van vluchtelingen in Zuid-Laren en later in Leeuwarden. Daar werd ze vrijwilliger/coŲrdinator bij de spreekuren en het met een tolk opnemen van vluchtverhalen voor Vluchtelingenwerk Nederland, samen met het Buro voor Rechtshulp. Ze deed dat trouw meerdere jaren heel veel dagdelen per week. Ook in het asielzoekerscentrum in Kollum is ze 2 jaar actief geweest. Eerst met vakantie-creativiteiten met kinderen en later met het geven van Nederlandse les. In die tijd was ze ook redactielid van het plaatselijke kerkblad ‘De Schakelpost’, later de ‘Samenklank’ en eveneens een paar jaar, als groen-links-ig CDA-er, bij het redactieblad van het gemeentelijke CDA. Herma was van 1993 tot 1998, in mei en juni, actief als lokale collecteorganisator voor de gehandicaptencollecte AVO/ANGO. Ook was ze enkele jaren externe vertrouwenspersoon bij het ‘Lauwers College’.

Ziekte en verpleging
Maar toen Thijs in februari van 1998 een ongeneeslijke hersentumor kreeg was ze er helemaal voor hem en de zonen. Ze stopte met de vrijwilligersactiviteiten nadat ze voor vervanging had gezorgd. Tijdens het verblijf van haar man in het Academisch ziekenhuis te Groningen, waar hij twee keer een hersenoperatie onderging en bestraald werd, was Herma heel wat weken van ’s morgens tien uur tot vroeg in de avond op de afdeling neurochirurgie. Zo’n honderd meter nabijheids- en troostkaarten en -brieven hingen bij toerbeurt in de ziekenkamer. Miguel en Ernesto moesten ook de juiste aandacht krijgen. Op het Lauwers College en op hun voetbalclub werden de jongens ook zeer goed opgevangen. De familie woonde wat verder weg maar gelukkig waren er gemeenteleden die hulp boden zodat zij iedere dag bij haar man kon zijn. In juli 1998 overleed haar man in het ziekenhuis in Leeuwarden nadat hij nog enkele weken ziek en gehandicapt thuis geweest was. Omdat de zonen in Groningen hun opleiding deden wilden ze liever niet dat Herma naar het midden van het land zou verhuizen. Daarom werd de pastorie voor een woning op de Barrage verruild. De landelijke Avo-gehandicapten-collecteorganisatie benaderde Herma in 1999 voor het rayonhoofdschap voor Noord- en Westfriesland, maar daar was ze nog even niet aan toe. Ze had nog wat maanden rouwverwerking nodig, maar daarna werd die nieuwe vrijwilligerstaak toch op zich genomen. Eveneens ging ze weer beroepsmatig in de thuisverpleging werken en was ze af en toe nachthoofd in verpleeghuizen.

Hand en spandiensten
Bij al haar bezigheden in het dorp, zoals sociaal werk bij senioren met een kwetsbare gezondheid, werd Herma in 2003 gevraagd om jeugdouderling in de (gereformeerde) Samen–op-weg-kerk te worden. Ondanks dat ook zij maar 24 uren in een etmaal heeft, nam ze die taak voor 50% op zich, om niet te veel hooi op haar vork te nemen. Ook was ze met een mede-kerkenraadslid initiatiefnemer voor creatief Inlooppastoraat. In 2004 werd Herma vrijwillig rayonhoofd voor de gehele provincie voor Handicap.nl (de nieuwe naam voor Avo-Ango). Een functie die haar met veel mensen uit allerlei Friese streken in contact brengt. In februari 2005 kwam een nieuwe klus op haar af: gastpredikanten uitnodigen. Dat zou tijdelijk zijn maar door haar plaats als jeugdouderling beschikbaar te stellen is er een wisseling van haar kerkelijk vrijwilligerswerk in aantocht.

Medemens
Voor Herma is trouw, hulpvaardigheid en het uiten van haar mening belangrijk. Ze houdt niet van sleur, wel van openheid maar helemaal niet van achterklap. Ze evalueert regelmatig endoor te wisselen van sommige vrijwilligersaktiviteiten houdt het haar gedachten scherp. Als het wat extra druk is vergeet ze tegenwoordig wel eens wat maar gelukkig is er de onmisbare agenda. Als oecumenisch christen vindt ze de zorg voor medemensen en de kleurrijke samenleving een vanzelfsprekendheid. Tussen haar bezigheden door heeft ze behoefte aan gezellig samenzijn met vrienden, zonen of familie, maar ook aan alleenzijn voor bezinning en aan rust. Momenteel kijkt ze erg uit naar een ‘rust’periode waarin ze weer veel met kleuren bezig kan zijn: haar acryl-schilderhobby. “Ik vind het altijd mooi om iets te hebben waar je naartoe kunt leven”, aldus Herma.